Blog

CMK in Alkmaar

16 mei 2018 - Alkmaar

Willem Smit, projectleider CMK bij Bureau Cultuurp Pimair vertelt:

Wat is voor jullie het belangrijkste verschil in deze tweede CMK-periode met 2013-16?

In de 1ste periode stond de Culturij centraal, oftewel de co-creatie; de hulpvraag werd gesteld vanuit een ICC en in vele gevallen was de uit te voeren activiteit gericht op een enkele groep, soms op meerdere. Hoe waardevol ook, met name daar waar het de samenwerking (co-creatie) betrof, na de uitvoering was er nog geen sprake van borging of een voortzetting van activiteiten naar andere groepen. Uitzonderingen daargelaten, want er vonden ook schoolbrede projecten plaats op basis van de Culturij. Dat was dan ook de voeding voor periode 2.

In deze 2de periode wordt de vraag gesteld door ICC in samenspraak met directie en/ of collegae, is er meer draagvlak, wordt er meer en scherper nagedacht over de doelstelling en inhoud van de vraag en de uitvoering. Dientengevolge aarden de activiteiten beter in de school of het curriculum van de school. Het door het Fonds voor cultuurparticipatie gestelde criterium ‘samenwerking met een culturele instelling’ wordt als waardevol ervaren, door beide partijen. Leerkrachten en ICC geven aan dat het zinvol is de in te zetten deskundigheid op een eigen wijze en voorkeur in te kunnen zetten, als scholing, maar tevens als learning on the job.

Wat merken de scholen daarvan?

De inzet op schoolbrede projecten (of minimaal bouwniveau) vraagt meer (voorbereiding)tijd, maar zorgt voor een grotere impact, er is meer resultaat van werken, er wordt in afstemming richting gegeven aan doelen, met meer mogelijkheden tot borging. Voor scholen houdt dat in dat er kritisch wordt gekeken naar de vraag, de wens. Het in te zetten traject vraagt namelijk een tijdsinvestering. Ook de Cultuurloper – als onderdeel van de mogelijkheden – biedt scholen de gelegenheid gefundeerd tijd te nemen voor een visie en een (in samenspraak) vorm te geven cultuurplan als vervolg. Een pluspunt is tevens dat scholen gerichter gaan afstemmen tussen binnen- en buitenschoolse cultuureducatie en/of hun programma afstemmen met de cultuurcoach die op een aantal scholen actief is.

Wat zijn de leukste dingen die je de afgelopen tijd hebt meegemaakt, of waar verheug je je op?

De leukste vragen die binnen komen zij die waarbij een school, leerkracht, ICC een activiteit opvangt, ziet of meemaakt op een andere school en daarop contact zoekt met Bureau CultuurPrimair met de vraag: ‘kan dat ook op onze school?’

 

CMK in Alkmaar

04 jul 2016 - Alkmaar

Gesproken met Siene Schiffelers docent handvaardigheid bij CMK-project de Culturij in Alkmaar. De foto’s zijn gemaakt op de Jozefschool in Egmond.

Wat is de toegevoegde waarde van jouw CMK-lessen voor de leerlingen?

De hele school deed een project over kleding en stoffen in de tijd van Hilde, rond het jaar 400. Ik heb in samenspraak met de leerkracht klassikaal een les verzorgd voor groep 1/2 over hoe stoffen gemaakt werden en worden en heb ze daarna zelf in kleine groepjes laten weven. Weven is een activiteit die je goed kunt doen met kleuters, het is ook goed voor de ontwikkeling van hun fijne motoriek. Zo konden ze op hun eigen niveau meedoen met het schoolproject.

Wat levert het op voor de leerkrachten? (de voortgang na 2016, hoe schat je dat als vakdocent in?)

Leerkrachten zien wat er gebeurt als er tijd en aandacht is om echt iets uit te diepen met de leerlingen. De leerlingen waren erg enthousiast, het was een hele nieuwe techniek voor ze. Voor mij voelt dat als krenten in de pap. Leerkrachten kunnen de techniek wel herhalen met de leerlingen. Na afloop werden de producten van alle leerlingen getoond in de school, in de groepen zijn verschillende technieken om kleding te maken behandeld, naast weven dus bijvoorbeeld ook vilten.

Het weven gebeurde op een kartonnetje. Ik zat steeds met een klein groepje van vijf leerlingen op de gang, want om dit met een hele groep kleuters voor het eerst tegelijk te doen is onhaalbaar. Ik heb niet zo’n zicht op wat de leerkracht verder in de les rond dit onderwerp deed. In hogere groepen kregen de leerlingen meer informatie over die tijd.

Waar loop je bij de uitvoering tegenaan?

Ik loop er tegen aan dat er op veel scholen weinig aandacht is voor handvaardigheid. Ik maak mee dat er in groep 7/8  leerlingen zijn, die nog geen draad door een naald kunnen krijgen. Dat vind ik wel jammer. Als laatste zou ik er nog aan toe willen voegen dat ik het wel een uitdaging vind om leerlingen enthousiast te maken voor dit vak.